Kors den Hartog boerde vroeger samen met zijn broer in Abcoude, maar sinds 2004 is Kors aan het werk op zijn eigen melkveehouderij in Eesveen. Door de jaren heen is Kors bewuster gaan boeren en op dit moment is hij heel praktisch bezig met de verschillende aspecten van zijn bedrijf, zoals het sluiten van kringlopen en de gezondheid van zijn veestapel. Volgend jaar zal de boerderij compleet overgaan naar biologische melkproductie. Hij heeft een vrijstelling voor het bovengronds uitrijden van mest.

 

Bedrijfsoppervlakte: 42 hectare, + 0.4 hectare dennenbos + 5 ha maïs
Melkvee: 65  à 70
Jongvee: 32
Intensiteit: 11.000 kg ha-1

 

Visie

“Koeien horen in de wei”, is de visie van Kors. Hij onderbouwt zijn visie met jaren ervaring en experimenten op zijn bedrijf. Dat melk van buitenkoeien anders is dan die van de stalkoeien, daar is hij van overtuigd. Dit heeft Kors onderandere geconcludeerd aan de hand van een eigen melkonderzoekje. Hij liet de melk van zijn eigen koeien en van een buurman staan om te kijken hoe het verzuurde. Het verschil was groot. Zijn melk verzuurden, werd kwarkachtig. De andere melk ging schiften en kreeg een grijzige kleur. Ook heeft hij vorig jaar voor het eerst een Bokashi-hoop gemaakt om te kijken of deze (Japanse) methode geschikt is om compost/vaste mest te maken en om mest te verrijken voor een betere bodemkwaliteit.

Bovengronds aanwenden

De belangrijkste rede voor bovengronds uitrijden van mest is, volgens Kors, dat het natuurlijker is dan zodebemesten. Mest hoort op de grasmat en niet geïnjecteerd in de bodem. Dit zorgt voor een betere biodeiversiteit en vooral meer insecten, ook is er minder onkruiddruk. Door zodebemesten ontstaan er scheuren waar onkruid zich kan vestigen, vooral in droge perioden. Er gaat een percentage van de wormen verloren. Echter herstelt het aantal wormen en de bodem zich na een paar weken, “maar een verstoring blijft een verstoring”, aldus Kors.

Biodiversiteit

Het bedrijf in Eesveen nam Kors over van een gangbare boer die maximaal bemestte. Er is veel veranderd op de percelen. Het organische materiaal is niet zozeer verhoogd, maar het bodemleven is wel veranderd en dit is ook te zien aan de verscheidenheid aan kruiden. Paardenbloemen, boterbloemen, witte en rode klaver, zuring, weegbree zijn te vinden op de percelen van Kors. Verder heeft een vogelteller zich verscholen vlakbij en heeft op het terrein 45 verschillende vogels gespot, waaronder de grutto. Ook zijn er dit jaar voor het eerst reekalfjes gelokaliseerd. Biodiversiteit, zowel buiten als in de stal zijn erg belangrijk voor Kors. In de stal maakt hij gebruik van Holstein Friesian, Brown Swiss en MRY.

Toekomst

Voor zijn eigen bedrijf ziet Kors kansen in kruidenrijker grasland. Nog meer verschillende kruiden en klaver zal zorgen voor meer insecten, meer vogels en dus meer biodiversiteit. Samen met een imker uit de buurt is er het idee ontstaan om een bijenkas te plaatsen bij de rodeklaver, zodat er speciale rodeklaverhoning kan worden geoogst. De kansen voor de melkveesector in Nederland liggen volgens Kors bij een hogere melkkwaliteit en betere voeding. Een gevarieerdere voeding voor de koeien en weidegang zijn hiervoor de basis. Dit zal de kwaliteit en daarmee ook houdbaarheid van de melk ten goede komen.

Artikel geschreven door: Merel Hondebrink, student Uva

5 oktober 2015
door Lieke Boekhorst

Commententaren zijn gesloten.